Is Wachtgeld een Zegen voor de Democratie? | Discussie Samengevat

door Bas van Steekelenburg Samenleving - Recht & Politiek

Wachtgeld is een compensatie voor een verlies aan inkomen als wethouders en politici ontslagen worden of ontslag nemen. Bij het vinden van een nieuwe baan in het bedrijfsleven kunnen ze zo de periode tussen een ambtsfunctie en bedrijfsfunctie financieel overbruggen. 

Maar het wachtgeld geeft ook een recht op geld; onafhankelijk van het functioneren. Sommigen zien het als zó gunstig, waardoor het onvoldoende stimuleert nieuwe functies te betrekken. Moeten we het niet afschaffen? Of moeten we de regeling juíst nu verdedigen?

Let op: de naam ‘wacht’ geld geeft de indruk dat er een passieve houding wordt aangenomen waarbij er wordt gewacht op geld. Toch is er een sollicitatieplicht.

De wachtgeldregeling is onderdeel van de Algemene Pensioenwet Politieke Ambtsdragers (APPA); een speciale overeenkomst voor politici en bestuurders over pensioen, ontslag / aftreden (wachtgeldregeling) en arbeidsongeschiktheid.

Wachtgeld is een gegarandeerde compensatie voor een verlies aan inkomen als wethouders en politici ontslagen worden of zelf ontslag nemen, onafhankelijk van het functioneren en gebaseerd op de duur van een dienstverband. Bij het vinden van een nieuwe baan in het bedrijfsleven kunnen ze zo de periode tussen een ambtsfunctie en bedrijfsfunctie financieel overbruggen. 

Sinds 2010 geldt voor bestuurders en politici na 3 maanden van aftreden een sollicitatieplicht met begeleiding. Echter, deze hoeft niet ieder soort werk te accepteren. Deze sollicitatieplicht wordt ieder jaar geëvalueerd. 

De naam wachtgeld stamt uit de tijd dat een ambtenaar formeel niet ontslagen kon worden. Als hij/zij geen actieve functie meer had, moest deze op een nieuwe betrekking "wachten". Meer details over wachtgeld lees je hier.

NRC zocht uit dat 1800 politici - waarvan 1500 wethouders - onder de wachtgeldregeling vallen. Het geldt voor de volgende beroepen:

Politici: ministers en staatssecretarissen, 1ste en 2de Kamerleden en de voorzitters en Nationale Ombudsman.

Wethouders; besturende politici van gemeenten en provincies (burgemeesters, wethouders, dagelijks bestuur gemeenten en waterschappen, gedeputeerden Provinciale Staten, Commissarisen van de Koningin)

Sommige semi-publieke bestuurders van zorg- en woningcorporaties, wetenschappelijk onderwijs, hogescholen, waterbedrijven. In hele speciale gevallen kunnen werknemers (niet-bestuurders) nog in aanmerking komen.

Rijksambtenaren, leden van de gemeenteraad en Staten Generaal en het onderwijs vallen niet onder de wachtgeldregeling.

Wethouders die minder dan drie maanden in functie zijn geweest, krijgen zes maanden wachtgeld

Meer dan 3 maanden dienst geeft een recht op 2 jaar wachtgeld.

Voor lang dienende politici is er een andere afspraak, vanaf 1 januari 2016 hebben zij recht op maximaal 5 jaar wachtgeld.

Als het nieuwe salaris (of geen inkomen) na aftreden minder is dan de maximale hoogte van het wachtgeld, vult wachtgeld de inkomsten aan tot de maximale hoogte van het wachtgeld. 

Het eerste jaar ontvangt men gegarandeerd maximaal 80% van het laatst genoten salaris. De maximum compensatie voor vrijwel iedereen die onder de Appa valt is € 178.000. Wachtgeld is het eerste jaar dus maximaal ±140.000. Een Kamerlid verdient gemiddeld 100.000 euro bruto per jaar.

Het tweede jaar krijgt men maximaal 70%. De maximale duur van het wachtgeld is drie jaar en 2 maanden (net zo lang als maximale werkloosheidsuitkering (ww).  

Verder is er een volledige 100% pensioenopbouw over de maximale duur van het wachtgeld; 3 jaar en 2 maanden.

Het toekennen van wachtgeld vervalt als de persoon in de nieuwe functie meer dan de hoogte van het wachtgeld verdient. 

In deze periode werd 24 miljoen euro uitgekeerd aan wachtgeld. Per functie komt dat op de volgende bedragen: 

  • Kamerlid: € 110.202
  • Staatssecretaris: € 110.732
  • Minister: € 119.867

Via De Telegraaf, 11-03-2019.

De publieke opinie geeft druk: deze wil dat een bestuurder of politici verantwoordelijkheid neemt voor een ambtelijke fout (en dus opstapt), zelfs wanneer hem/haar geen enkele blaam treft. De schijn van misbruik of belangenverstrengeling kan voor problemen zorgen zonder dat deze zaken bewezen zijn. Hierdoor is het niet altijd wenselijk als wethouders en politici zouden terugkeren naar soortgelijke functies.  

Kleine akkefietjes worden breed uitgemeten in de media. Zo was er een politici die haar zoontje bloemen liet geven aan Maxima, terwijl media vonden dat deze eervolle taak toebehoort aan een ander kind. Er wordt verwacht dat publieke bestuurders een bepaalde moraal hebben en een voorbeeldfunctie vormen voor de samenleving. Daarnaast ontstaat er een mediadruk om af te zien van wachtgeld als functioneren onvoldoende zou zijn geweest.

Verder krijgen Politici altijd veel kritiek, omdat nooit alle belangen in een land kunnen worden vertegenwoordigd. Ook zijn er soms persoonlijke bedreigingen. 

Hiernaast hebben politici moeite om een baan te vinden in niet publieke functies, onder andere doordat ze ander ontwikkelde eigenschappen bezitten en een grote geschiedenis hebben met kritieken.

Het is discutabel of het beroep van politici en bestuurders gelijk kan worden gesteld aan het bedrijfsleven: 

Het afbreukrisico lijkt groter; deze werken onder een voortdurende mediadruk, worden verantwoordelijk gehouden voor veel zaken (ook wanneer hen geen blaam treft) en politici hebben het risico te worden ontslagen omdat de partij minder stemmen heeft gekregen en dus minder plekken heeft. Het verloop van wethouders is enorm: tot wel 40% verloop na verkiezingen!    

Veel politici en wethouders stappen zelf op, omdat dit verwacht wordt door media en de publieke opinie. In de praktijk is er een kleiner verschil tussen vrijwillig en gedwongen ontslag dan voor werknemers in het bedrijfsleven. 

Er zouden grote verschillen zijn tussen het bedrijfsleven en de publieke sector; deze maken het moeilijker voor politici en publieke bestuurders om een nieuwe baan in het bedrijfsleven te vinden. Uit onderzoek van Nieuwsuur blijkt dat de doorstroom van oud-parlementariërs naar nieuwe functies moeizaam is. Daar tegenover staat dat de doorstroom van vooral top-politici naar private sector zeker niet moeizaam verloopt (er zijn geen regels voor politici om niet aan de slag te gaan in de sector waarin ze werkten). Politici zouden altijd nog makkelijker in semi-publieke functies terecht kunnen, maar hierover zijn geen cijfers beschikbaar.

De voorwaarden voor de WW zijn (veel) soberder dan het wachtgeld: 

  • Een werknemer kan aanspraak maken op twee jaar WW na een dienstverband van 24 jaar. Oud-politici en wethouders maken aanspraak op maximaal 2 jaar wachtgeld na ≥3 maanden. 
  • De maximale WW-uitkering ligt op ruim €35.000 per jaar; de maximale wachtgeldvergoeding is ± €140.000.  
  • Er is geen recht op WW wanneer een werknemer zelf opstapt; voor politici wél recht op wachtgeld (alhoewel deze soms wordt gedwongen op te stappen).
  • Bij beide uitkeringen wordt er niet gekeken naar de eerder geleverde prestaties.

"Wachtgeld moet worden afgeschaft"

Dit recht voor politici en wethouders vervalt volledig.



ARGUMENTEN VOOR

1. Recht op wachtgeld is onafhankelijk van functioneren

Publieke bestuurders en politici verkrijgen als ze in functie treden direct een recht op wachtgeld. Dit is onafhankelijk van de kwaliteit van functioneren; óók in het geval van misstanden. 

Omdat wachtgeld wordt betaald van belastinggeld leidt dit soms tot (media) verontwaardiging. Enkele excessen:

  • In 2011 stapte bestuursvoorzitter Jan Cooijmans van de Ommelander Ziekenhuis Groep (OZG) zelf op. OZG had jarenlang verlies geleden onder bewind van Jan Cooijmans, maar hij ontving tot augustus 2014 ruim 370.000 euro aan wachtgeldvergoeding.
  • Utrechts raadslid Bert van der Roest had 26.241 euro gestolen uit de kas van daklozenkrant Straatnieuws. Nadat dit in media bekend werd, stapte deze zelf op en kreeg zo wettelijk recht op ruim € 7.000 wachtgeld. Overigens geldt er nu geen wachtgeldregeling meer voor raadsleden. PvdA Utrecht en media riepen wél nadrukkelijk op om af te zien van dit wachtgeld, maar konden uitbetaling rechterlijk gezien niet tegenhouden. Het is niet bekend of dit wachtgeld wel of niet is uitbetaald.

2. Stimuleert onvoldoende om nieuwe (full-time) baan te betrekken

Omdat de wachtgeldregeling een gegarandeerde ruime hoeveelheid geld is waarvoor pas na 3 maanden een ‘lichte’ sollicitatieplicht geldt (men wordt niet verplicht tot het accepteren van ieder soort werk), stimuleert het onvoldoende om een nieuwe en full-time functie te betrekken.

  • De wachtgeldregeling geeft zo voldoende inkomsten om voor langere tijd niet op de bankenmarkt te richten.
  • Hiernaast hoeft men in nieuwe functies niet full-time te werken; vanaf 0,7 FTE vervalt de sollicitatieplicht en de rest van het inkomen wordt aangevuld met wachtgeld. O.a. de VVD-wethouder Marco Goedknegt maakte hier gebruik van, door in zijn nieuwe functie minder te werken (0,85 fte). Deze is zodoende minder gaan verdienen, maar de wachtgeldregeling compenseert zijn (ruime) salaris.

3. Publieke bestuurders en politici kunnen terugvallen op de WW

In het bedrijfsleven zou er net als in het ambtsberoep ook een bepaald ‘afbreukrisico’ gelden; het beroep van publieke bestuurders en politici wordt zodoende gelijkgesteld aan het bedrijfsleven. Zonder wachtgeldregeling zouden politici wettelijk gezien bij ontslag al aanspraak kunnen maken op de WW (werkloosheidswet). Voor een uitgebreidere analyse lees je de vragen bovenaan: ‘Zijn de risico’s van politici en wethouders te vergelijken met het bedrijfsleven?’ en ‘Hoe verhoudt de WerkeloosheidsWet (WW) zich tot wachtgeld?’

ARGUMENTEN TEGEN

1. Wachtgeld verbetert de democratie

Wachtgeld is primair bedoeld om langer dienende wethouders en politici - die regelmatig op dode sporen belanden door de publieke aard van hun functie - te stimuleren andere niet-publieke functies te betrekken (ook wel draaideur genoemd). Zo blijven mensen niet op posities hangen vanwege de financiële vergoeding en komen er dus posities vrij voor nieuw talent. Daarnaast maken betere voorwaarden - zoals deze gunstige regeling - publieke functies aantrekkelijker voor nieuw talent

"Wachtgeld voorkomt dat een politieke ambtsdrager bij beslissingen rekening houdt met eventuele negatieve financiële consequenties, en daardoor geen zuiver oordeel meer zou kunnen vormen” (woordvoerder minister Plasterk). Wachtgeld is zo essentieel voor een functionerende democratie waarin belangen van burgers zo goed mogelijk worden vertegenwoordigd

Deze riante regeling is nodig omdat een democratische functie als zwaar is; het is niet het meest ideale carrièrepad. Voorwaarden in het bedrijfsleven zijn meestal veel rianter en er is geen mediadruk. Hiernaast worden steeds meer taken door het Rijk bij gemeentes neergelegd, terwijl deze grote moeite hebben talent aan te trekken.

    2. Wachtgeld functioneert als een verzekering die voor risico compenseert

    Wachtgeld is als het ware een verzekering die publieke bestuurders en politici compenseert voor de enorme druk, risico’s en ongemakken waarmee ze te maken krijgen. Als gevolg hiervan is er een enorm verloop (tot wel 40%!) en kunnen carrièremogelijkheden beschadigd zijn (‘afbreuk’ risico’s). In februari 2016 bleek dat oud-bewindslieden en oud-Tweede Kamerleden zeer moeilijk ander werk vinden.

    Je hebt zeker wel iets toe te voegen aan deze discussie? Help mee en draag bij!